Top of this document
Go directly to navigation
Go directly to page content
Amsterdam, 1 augustus 1923
– Overleden:Overveen, 1 oktober 1943
Leo Herman Frijda behaalde in 1941 het gymnasiumdiploma. Hij studeerde medicijnen. Hij publiceerde gedichten en essays in het illegale jongerenblad Lichting. In januari 1943 gaf hij onder het pseudoniem Edgar Fossan de gedichtenbundel Op leven en dood uit. Hij raakte nauw betrokken bij de Amsterdamse verzetsgroep CS-6. Hij was onder meer betrokken bij de geslaagde aanslag op luitenant-generaal Seyffardt, de commandant van het Vrijwilligerslegioen Nederland (5 februari 1943), bij de spoorwegaanslag in de Rietlanden (maart 1943) en bij de liquidatie van de agent-provocateur Blom.
Op 20 augustus 1943 is Leo Herman Frijda samen met zijn verloofde in Amsterdam opgepakt. In september 1943 vond voor het Polizeistandgericht in Amsterdam het proces plaats tegen de gearresteerde leden van de groep CS-6. Op 30 september werden 19 leden van de groep ter dood veroordeeld. De volgende dag werd het vonnis in Overveen voltrokken. Leo Herman Frijda was één van hen. Hij ligt begraven op het Ereveld Bloemendaal.
NIOD, Erelijst Verzet en Koopvaardij, database vervaardigd door dhr J.W. de Leeuw;
B. Braber, Zelfs als wij zullen verliezen. Joden in verzet en illegaliteit in Nederland 1940-1945 (Amsterdam, 1990) 110-112, 146-146;
J. Presser, Ondergang. De vervolging en verdelging van het Nederlandse jodendom 1940-1945. Deel II (Den Haag 1965) 17;
R. Fuks-Mansfeld (red.), Joden in Nederland in de twintigste eeuw. Een biografisch woordenboek (Utrecht 2007) 93-94
Deze persoon wordt herdacht op een gedenkteken in Amsterdam. Een beschrijving van dit gedenkteken is te vinden op de website van het Nationaal Comité 4 en 5 mei.
Leo Frijda
Leo Frijda studeerde oorspronkelijk medicijnen, maar zag zich door de Duitse verordeningen gedwongen zijn studie te beëindigen. Eind 1942 duikt hij onder. Hij was verloofd met een Duits-joods meisje, dat als verpleegster in het Centraal-Israëlitisch Ziekenhuis werkt en zich in februari 1943 bij hem op zijn onderduikadres voegt.
Leo Frijda introduceert zijn verloofde in het verzetswerk en ze gaat als koerierster aan de slag.
Na Leo's arrestatie op 19 augustus 1943 wordt ook zijn verloofde opgepakt, die door de SD werd gedwongen om voor hen als informante te gaan werken. Dit deed ze. Ze was o.a. verantwoordelijk voor het oprollen van de CS-6 verzetsgroep. Na de oorlog wordt ze tot 12 jaar gevangenisstraf veroordeeld.
Bron: 'Vogelvrij. De jacht op de joodse onderduiker', Sytze van der Zee, Amsterdam 2010.
Leo Frijda: advertentie voor zeewaardige zeilboot.
Leo Frijda heeft nog plannen gemaakt om tesamen met Theo Hondius uit Leiden met een boot uit Nederland weg te komen. Voor dat doel plaatsten zij zelfs een advertentie voor een zeewaardige zeilboot. Op een tocht gedurende de herfst van 1941 door het duingebied bij Scheveningen, merkten ze dat clandestien naar Engeland oversteken vrijwel onmogelijk was. Volgens een andere bron (2) werden zij even buitengaats zelfs opgepakt, doch zij veinsden gered te zijn, wat werd geloofd.
Bronnen:
1. J. Bruin en J. van der Werff, Vrijheid achter de horizon, Engelandvaart over de Noordzee 1940-1945, 1998, pag. 78-79.
2. B. Goudriaan, Verzetsman Gerrit Kastein 1910-1943, "Een communistische intellectueel van een vreeswekkende koelbloedigheid", Leiden, 2010, pag. 145.
Foto Leo Herman Frijda
Leo Herman Frijda -
Bron: NIOD Amsterdam, collectie foto's Erelijst van Gevallenen