Westerborkportret: Abraham Barendse
Abraham Barendse werd geboren op 16 december 1905, zoon van ouders Hartog Barendse en Adriana Spiero. Zijn vader, geboren in 1884 in Rotterdam, was een handelaar in touw, zijn moeder,
geboren in 1882 in Den Haag, huisvrouw. Hartog en Adriana waren het jaar daarvoor getrouwd, op 5 april 1904 in Den Haag, waar ze een huis vonden. Adriana was toen in verwachting van hun eerste kind, Rosetta, dat 3 maanden later geboren zou worden.
Abraham is geboren toen vader, moeder en zijn anderhalf jaar oudere zusje Rosetta net van Den Haag naar de Zandstraat in Rotterdam waren verhuisd. Verloskundige Jansje van Dam heeft
geboorteaangifte gedaan bij de gemeente.
In de komende twintig jaren kwamen er om de twee jaar broers en zussen bij voor Abraham. Eerst Jacob Izaac, toen Catharina, daarna Betsy, vervolgens Hendrika, Theresia, later de tweeling Henrica en Anna (Anna overleed na de geboorte), Eduard (met wie hij later in Sobibor heeft gezeten), toen Isidor (meteen na geboorte overleden), daarna Dina, en als laatste Jansje in 1925. In totaal twaalf kinderen. In de tussenliggende tijd is de familie dertien keer verhuisd binnen Rotterdam. Zus Rosetta was de eerste die trouwde, zij verliet het huis op veertienjarige leeftijd met Isaac
Verveer, met wie ze in Den Haag ging wonen. Ze was kantoorbediende in Den Haag, tot ze trouwde. In 1925 vertrok ze naar Amsterdam. In 1932 woonde ze met Samuel Ossendrijver in Den Haag, waarschijnlijk is ze gescheiden. Ook van zus Catharina is bekend dat ze een keer is gescheiden, ook zij woonde in Den Haag.
Van Abraham is bekend dat hij op 1 augustus 1928 trouwde met Adriana van Olm, ook geboren in Rotterdam bij ouders Adrianus van Olm, schoenmaker, en Elisabeth Johanna de Jong. Adriana van
Olm was toen zij trouwde negentien jaar, minderjarig, en Abraham tweeëntwintig jaar, en koopman in oudheden, net als zijn vader op dat moment. Als getuigen bij het huwelijk traden twee bedienden
op: J.A. Frankhuizen (drieënveertig jaar oud) en D.T. Boef (eenenvijftig jaar oud), mogelijk vrienden van de familie.
Van Abraham is bekend dat hij tot het Nederlands Israëlitisch kerkgenootschap behoorde. Ariana daarentegen was Nederlands Hervormd. In 1928 ging het tweetal samenwonen in Rotterdam, inwonend bij een andere familie. Waarschijnlijk woonde Abraham die tijd daarvoor gewoon bij zijn ouders, dit is in ieder geval zeker van 1925, toen zijn ouders in de Mauritsstraat woonden. In Rotterdam zelf zijn Abraham en Adriana vijf keer verhuisd, bij de derde verhuizing kregen ze een eigen ruimte en woonden ze niet in bij anderen. Dit was nog datzelfde jaar.
Op 21 oktober 1928 werd hun eerste kind geboren, dochter Jeanne. Op dat woonden Abraham en Adriana in de Huygensstraat, en nog geen twee maanden later verhuisden ze naar de Bergpolderstraat. In 1931, op 4 januari, werd hun zoon Hartog geboren. Een half jaar later verhuisde het gezin naar Overschie waar het anderhalf jaar bleef, alvorens door te verhuizen naar Schiebroek. Destijds was het niet ongewoon regelmatig te verhuizen. Zodra het behang lelijk werd of het
meubilair niet meer voldeed verhuisde men door. Woningen werden dan ook te koop aangeboden met mooie aanbiedingen die vloeren of behang betroffen om zo kopers aan te trekken.
In juni 1933 is het gezin naar Den Haag verhuisd, waar Adriana vandaan kwam, maar 5 maanden later ging het alweer terug naar Rotterdam, de Korte Wagenstraat. Vanaf december 1933 is het
onduidelijk wat er gebeurde met de familie. Het eerstvolgende jaar waarin we de familie weer tegen komen is waarschijnlijk na 1938.
In het boek 'Blijvers en Voorbijgangers, Joden in Delft 1850-1960' staat het volgende geschreven over Abraham en
zijn gezin: "Abraham is gescheiden van zijn vrouw Adriana van Olm, om ervoor te zorgen dat zij en hun twee kinderen een veiligere positie zouden hebben. Datum scheiding onbekend, waarschijnlijk in Rotterdam. Abraham kwam daarna naar Delft8 waar hij antiquair was aan de Oude Delft 196. Vervolgens is hij ondergedoken bij zijn 15 jaar jongere broer Eduard en zijn vrouw Anny Barendse-Groen en hun zoon Hartog.
(Bron: Blijvers en Voorbijgangers, Joden in Delft 1850-1960, Marianka van Lunteren-Spanjaard en
Joep Wijnberg-Stroz, Uitgeverij Kok Kampen, ISBN 90 242 62178. Pagina’s 181/185.)
Wij hebben geprobeerd deze informatie te controleren in de archieven, maar zonder resultaat. Volgens een van de schrijvers komt deze informatie voort uit een interview ongeveer 12 jaar
geleden, vandaar dat wij deze tekst toch willen vermelden.
Volgens het archiefdeel dat wij mochten inzien heeft Abraham Barendse ook na 1938 met zijn gezin in Delft gewoond. Als het bovengenoemde citaat klopt, is Abraham Barendse nadat hij ondergedoken heeft gezeten bij zijn broertje Eduard, zijn vrouw Anny Barendse-Groen en hun nog geen een jaar oude zoon Hartog, weer terug gegaan naar Delft. Volgens de deportatielijsten ingezien bij het NIOD is Abraham daar namelijk opgepakt.
Op 3 maart 1944 is Abraham opgepakt in Delft, om precies te zijn op de Oude Delft 196. Op dat moment woonde daar Cornelis Rietveld en Geertruida van der Heijden. Dit gezin kwam
oorspronkelijk uit Rotterdam, en het is mogelijk dat Abraham hen daarvan kende. Volgens de kleinzoon van Cornelis Rietveld en Geertruida van der Heijden, B. Rietveld, hebben zijn opa en oma
inderdaad een onderduiker in huis gehad. Meer informatie kon hij helaas niet geven.
Het gezin van Abraham, Adriana van Olm, Jeanne en Hartog, hebben wij niet op de deportatielijsten naar Westerbork kunnen vinden. Wel zijn broer Eduard met Anny en hun zoontje Hartog vanuit Den Haag, zijn zus Jansje Barendse vanuit Scheveningen, zijn vader Hartog vanuit Scheveningen en zijn zus Henrica ook vanuit Schevingen (woonde nog bij ouders, zij is opgepakt op hetzelfde adres als haar vader).
Vanuit Westerbork zijn Anny en haar zoon naar Auschwitz getransporteerd waar zij zijn omgekomen, Anny op tweeëntwintigjarige leeftijd, Hartog was één. Ook Abrahams zussen Jansje en Henrica zijn in Auschwitz omgekomen. Henrica was toen vijfentwintigjaar en had een baan als hulp in de
huishouding. Jansje was achttien jaar en was stenotypiste. Hartog Barendse, vader van Abraham, Henrica en Jansje, is naar Sobibor getransporteerd waar hij op eenenzestigjarige leeftijd is overleden.
Zijn vrouw, Adriana van Spiero, heeft de oorlog overleefd. Ook Eduard en Abraham zijn naar Sobibor getransporteerd en hielden het een jaar langer uit dan hun vader. Eduard kwam op 31 maart 1945 om, op vierentwintigjarige leeftijd, in extern kommando Ebensee.
Abraham werd vanuit Sobibor naar extern kommando Gusen gebracht, waar hij op 23 april 1945 is omgekomen op negenendertigjarige leeftijd.
Reacties (3)
Josua
Stichting
zoek familie stamboom barendse abraham
aan B Rietveld zoon Cornelis Rietveld gewoond hebbend oudedelft 196: graag contact zoeken met
achternicht Barendse via plaquette synagoge ontdekt
oud-familielid.... bel j.b.van driel 0636105265
wonende delft m reigersberchstraat 51
ook ik ben geintresseerd in mijn familie
ik ben Harry Pouw, zoon van Hendrika Barendse
Abraham Barendse
Barendse, Abraham, *, Rotterdam, 16-12-1905, (12120) zn. van
Barendse, Hartog en Spiero, Adriana, geh. met van Olm, Adriana,
antiquair, lid verzet, wonende Delft, Oude Delft 196,
†, Mauthausen- Gusen, (Oostenrijk) 23-04-1945, aangifte: 12-06-1950, (334)
Uit: Delft Politie dag & nachtrapporten.
16-11-1943 20.00 Fam. Barendse, Oude Delft 196, gemengd hwl., man, vr. en 2 kinderen, ontvangen iederen maand drie distributiekaarten uit Den Haag, welke bestemd zijn voor ongedoken familie te Schiedam woonachtig.
De man van die familie is Enny (= Eduard) Barendse en vrouw en kind.
22.50 Serne, Verwaijen en Eckhard brengen in het bureau:
Abraham Barendse, *, Rotterdam 16-12-1905, wonende Oude Delft 196, en echtgenote Adriana van Olm, *, Rotterdam, 06-08-1908
17-11-1943 10.00 Abraham Barendse naar Den Haag gebracht.
(Vrouw, Adriana van Olm, mag naar huis)
Barendse, Eduard, *, ’s Gravenhage, 26-05-1920, zn. van
Barendse, Hartog en Spiero, Adriana, geh. met Groen, Annie,
wonende Scheveningen, Frederik Hendriklaan 254, kantoorbediende,
opgepakt op een onderduikadres in Schiedam, Reamurstraat 19,
extern kommando Ebensee, Auswitsch, (Polen), †, 31-03-1945
Uit: Delft Politie dag & nachtrapporten.
Met toestemming van de kapitein gaat busje gelijk naar Schiedam.
17-11-1943 01.45 Busje zonder gas en benzine bij de Pauwmolen. (met 4 arrestanten)
02.20 Aan het bureau:
Eduard Barendse, *, Rotterdam 26-05-1920,
Annie Groen, *, Den Haag 11-05-1921
Hartog Barendse, *, Den Haag 29-07-1942
en Cornelis Oderkerk, *, Arnhem, 20-03-1898, Beeldhouwer in hout, wonende Rotterdam Lepelaarsingel 20 B (Helper of ook ondergedoken?)
10.00 Eduard Barendse met vrouw en kind naar Den Haag gebracht.
Barendse, Hartog, *, ’s Gravenhage, 29-07-1942, zn. van
Barendse, Eduard en Groen, Annie, wonende Scheveningen,
Frederik Hendriklaan 254, opgepakt op een onderduikadres in Schiedam,
†, Oswiesim, kamp Auschwitz, (Polen) 11-02-1944
P.L.Krul Delft